Advies voor afdichting bestaande kelder, buitenzijde, oude dichtingslagen, drukkend water

Heb je een vraag? Bel 0315 - 270 620
1 Waar zoek je een oplossing voor?
2 Situatieschets
3 Producten & Instructies
3

Producten & Instructies

  • Producten
  • Accessoires
  • Instructies

Hoe maak ik mijn kelder waterdicht?

Er zijn meerdere oorzaken mogelijk voor het binnendringen van water in een kelderruimte. Derhalve is het afdichten van een kelderwand vaak een combinatie van meerdere producten en/of technieken.
In deze animatie wordt een goed beeld gegeven hoe een kelder waterdichtgemaakt kan worden.

Stappenplan

Kelderafdichting aan de buitenzijde, waterbelasting door drukkend water

Onderstaand advies is gebaseerd op standaardsituaties en kan als volgt worden beschreven: Afdichting van een wand (onder maaiveld) aan de buitenzijde. De waterbelasting bestaat uit "drukkend water" (grond- of stuwwater, waterlagen). 
Voorbeelden voor het toepassingsgebied: kelderwanden van metselwerk, die onder het hoogste mogelijke grondwaterpeil uit komen of die continue in het grondwater staan.


In deze advieswizard wordt de benodigde hoeveelheid materiaal bepaald aan de hand van zo goed mogelijke inschattingen. Deze kunnen uiteraard afwijken van jouw situatie; je kunt daarom eenvoudig in de winkelwagen de bestelhoeveelheid naar eigen inzicht aanpassen op jouw situatie.
Heb je een vraag over dit advies of de benodigde hoeveelheid materiaal? Voor het passende antwoord kun je contact opnemen met één van onze medewerkers.

Voorbehandeling van de ondergrond

Bij de sanering van bestaande dichtingslagen op kelderwanden was het tot voor kort noodzakeljk dat alle bestaande lagen werden verwijderd zodat er een volledig nieuw dichtingssyteem kon worden aangebracht.
Het gepatenteerde "afdichtingsaneringssysteem" dat gebruik maakt van de optimale hechtingseigenschappen van weber.tec Superflex 24 maakt enkele stappen overbodig en bespaart daarmee tijd en geld.

Werkwijze:

  1. Allereerst moet bepaald worden de bestaande afdichting is gebaseerd op bitumen of teer. Door met een doek, gedrenkt in terpentine of wasbenzine, over de ondergrond zal de ondergrond al dan niet enigszins oplossen en de doek laten verkleuren. Is de doek verkleurd, dan gaat het om een bitumen afdichting, verkleurd deze niet dan gaat het om een teer afdichting.
    • Teer is geen geschikte ondergrond en daarom zal het bestaande dichtingssysteem volledig moeten worden verwijderd
    • Bitumen kan worden overlaagd mits de hechting op de ondergrond goed is. Dit moet worden bepaald door een krasproef. Indien de bitumenafdichting niet voldoende hecht op de ondergrond moet deze alsnog volledig worden verwijderd tot op een draagkrachtige ondergrond.
  2. De bestaande dichtingslagen moeten altijd volledig worden verwijderd bij de aansluiting van de wand op de vloer (kim). Verwijder minimaal tot 25 cm van de wand- en vloerafdichting gerekend vanuit de hoek.
De verwerking moet op een vorstvrije, droge of winddroge maar zuigende ondergrond gebeuren. Een vochtige ondergrond verlengt de drogingstijd. Verwerking is mogelijk vanaf +3º C (object en omgevingstemperatuur).

Maken van een holle kim (aansluiting wand-vloer)

Een holle kim heeft de functie om een gelijkmatige laagdikte van de afdichtingslaag mogelijk te maken. Indien ter plaatse van de kim met omgekeerde waterbelasting of ongunstige drogingsomstandigheden rekening gehouden moet worden, wordt de holle kim gemaakt met de mortel weber.tec 933.
Als eerste bewerking wordt met borstel een hechtlaag aangebracht met weber.tec 933, waarna nat-in-nat een holle kim wordt gemaakt met weber.tec 933. Gebruik hiervoor de speciale holle kim troffel.

Maken van een hechtlaag

Als de bestaande bitumenafdichtingslaag goed hecht op de ondergrond en zorgvuldig is ontdaan van alle hechtingsverminderende zaken, kan op de bitumenlaag een hechtlaag worden gemaakt met weber.tec Superflex D24. Hiertoe wordt materiaal als kraslaag met de vlakke kant van een spaan aangebracht.
Het verbruik van deze hechtlaag is ca. 1 kg/m2.

Op de holle kim (weber.tec 933) wordt als voorstrijkmiddel Kiwitz PRM 110 aangebracht.

Aanbrengen van de dichtingslaag

Op de zorgvuldig voorbereide ondergrond wordt vervolgens het dichtingssysteem aangebracht. Dit systeem bestaat uit twee lagenweber.tec Superflex D 24, gecombineerd met Glasweefsel weber.sys 981.
Het glasweefsel wordt direct na het aanbrengen van de eerste laag ingewerkt door deze met de vlakke kant van een spaan in de nog verse laag Superflex D24 te drukken.
De tweede laag Superflex D 24 wordt aangebracht nadat de eerste zo ver is doorgedroogd dat deze niet meer wordt beschadigd.
Het verbruik bij de belastingsgraad "drukkend water" is minimaal 4,5 kg/m2 (in 2 lagen aangebracht). Het glasweefsel is daarbij een handige laagdikte indicator, als het weefsel niet meer zichtbaar is voldoende materiaal aangebracht

Tenslotte ...

Het wordt aanbevolen om tijdens het aanbrengen van de dichtingslaag controlemonsters te maken. Deze monsters worden onder in de bouwput gelegd en drogen daarmee onder gelijke condities als de aangebrachte dichtingslaag. Door het beoordelen van de doordroging van deze monsters is goed in te schatten hoe de aangebrachte dichtingslaag is doorgedroogd.

Na volledige doordroging van de dichtingslaag kan een drainagemat (weber.sys 983) of een polystyreen-isolatieplaat worden aangebracht, waarna de bouwput kan worden aangevuld met steen- en puinvrij zand.

Bedrijfspresentatie

  • Sinds 1954 servicegericht vanuit partnerschap.
  • Voor 15.00 uur besteld, volgende werkdag geleverd.
  • Vanaf € 150,- gratis verzending
usps
Terug naar boven